RegioTV Tiel - Nieuws
Bevat Audio: Audio

OCHTEN - De weidevogelstand in Nederland gaat zó hard achteruit dat we afstevenen op het einde van onze nationale trots, de grutto. Onder meer de Vogelbescherming probeert het verdwijnen van deze weidevogel te stoppen.

Overheden, rijk en provincies moeten de regie nemen om samen met boeren en natuurbeschermers weidevogels te behouden, zegt Lars Soerink van de Vogelbescherming. Daarvoor is volgens hem jaarlijks 40 miljoen euro nodig.

De grutto komt in onze regio voor rond de monding van de IJssel, in de omgeving van Nijkerk en aan de noordoever van de Waal.

Beschermingsplannen kregen tot nu toe geen voeten aan de grond, vertelde Soerink woensdag op Radio Gelderland. "De grutto hoort bij ons land als molens en klompen. Er is geen land ter wereld met zo'n uniek landschap van boerenweiden met koeien, bloemetjes en vogels daarop en daarboven. Dat is erfgoed dat we niet moeten willen opgeven."

Het gesprek van Irene ten Voorde met Soerink:

Maar er speelt meer. "De grutto komt vooral in Nederland voor", zegt Soerink. "Tachtig procent van de Europese populatie zit in Nederland. Als we het redden van grutto niet voor elkaar krijgen, dan heeft deze weidevogel nergens een toekomst."

Elke keer als er een soort verdwijnt wordt het een beetje stiller
Lars Soerink van de Vogelbescherming

Is dat erg? Soerink: "Het ecosysteem stort niet in als de grutto verdwijnt, de wereld draait wel door. Een bamboebos in China kan ook prima zonder panda's. Maar elke keer als er een soort verdwijnt wordt het een beetje stiller en kaler en worden wij een beetje eenzamer als mensen en hebben we niks meer om van te genieten."

'Frontale aanval nodig'

Vandaag trekt red-de-grutto-voorman en oud-minister Pieter Winsemius naar Den Haag om landbouwminister Carola Schouten het Aanvalsplan Grutto aan te bieden. Er is een frontale aanval op verschillende fronten nodig om de grutto te redden, meent Soerink. "Voor de overheid betekent uitvoering van het plan een jaarlijkse investering van 40 miljoen euro en een eenmalige investering van 35 miljoen verspreid over meerdere jaren."

Het plan richt zich op dertig grote weidevogelgebieden van elk zo’n duizend hectare. Samen met boeren en natuurorganisaties selecteren de weidevogelprovincies de beste gebieden.